Stef Clement is geen gewone

Stef Clement van Bouygues
Toen Stef Clement vorig jaar een profcontract tekende bij Bouygues Telecom werd hier en daar wel even met de wenkbrouwen gefronst. Maar de keuze voor de Franse ProTour-ploeg pakte uitstekend uit voor de Brabander. Clement won het afgelopen seizoen twee tijdritten : het NK en de negende etappe in de Tour de l’Avenir. “Ik verbaas de ploegleiding wel eens.”In 2005 won Clement als lid van het Ra­bobank Continental Team Olympia’s Tour, maar een overgang naar de ProTour-ploeg van Rabobank zat er niet in. “Het was sim­pel”, vertelt Clement. “We hadden beiden onze twijfels, zowel de ploeg als ikzelf en dan moet je het niet doen.” Tijdens het doorbladeren van de Pro Tour-gids stuitte Clement op Bouygues Telecom, Dat leek hem wel wat. Clement belde zijn manager Jacques Hanegraaf met de vraag of die toevallig ploegbaas Jean René Bernau­deau kende. Dat bleek het geval. Sterker nog, Hanegraaf was een aantal jaren ploeggenoot van de Fransman geweest. “We hebben een afspraak gemaakt in Parijs en Bernaudeau had het contract al bij zich, Ik kon meteen tekenen!” De rol van Hanegraaf was doorslaggevend, zo vertelde Bernaudeau eerlijk aan Clement. “Hij vertrouwde er op dat Hanegraaf hem geen slechte renner zou leveren,”
Bernaudeau werd niet teleurgesteld, want Clement kende een uitstekend eerste jaa r bij de beroepsrenners, Zo veroverde hij op 20 juni in het Brabantse Oudenbosch ver­rassend het Nederlands kampioenschap tijdrijden, “Ik ben er ontzettend trots op dat ik in de kampioenstrui mag rijden. Ik merk dat ook de ploeg daar trots op is, want ik heb een werkelijk enorm kleding­pakket in het rood-wit-blauw gekregen, inclusief een speciaal gespoten helm,”

Maar zijn status als Nederlands kampioen tijdrijden is nog niet overal doorgedron­gen, zo merkte de 24-jarige Tilburger. “In de Ronde van Duitsland vroeg dejury me voor de start van de tijdrit wat ik in die trui kwam doen en van welk land ik dan wel kampioen was. En in de Tour de l’Avenir werd me gezegd dat het eigenlijk niet de bedoeling was om te starten in de trui van het beloften kampioenschap,”

Een paar weken voordat Clement in Ou­denbosch Erik Dekker en Joost Posthuma naar de ereplaatsen verwees, beëindigde hij in Milaan de Giro d’ltalia op de 64ste plaats, Met als opvallendste wapenfeit onderweg een 12de plaats in de 11 de etappe, een tijdrit over 50 kilometer met start en finish in Pontedera, Clement sloot zijn eerste grote Ronde om meerdere re­denen met een goed gevoel af. “Het was voor mezelf heel belangrijk dat ik de Giro heb uitgereden. Het was drie weken puur genieten. Want op dat niveau is afzien ook genieten,” Clement merkte tot zijn vreugde dat hij naarmate de Giro vorderde niet verzwakte, maar alleen maar sterker werd, “Na een dag of tien merkte ik dat de basis goed was, terwijl veel anderen er dan juist een beetje doorheen kwamen te zitten. Dan weet je dus dat je goed kan herstellen.” Met die wetenschap in het achterhoofd weet Clement wat hem te doen staat voor de komende jaren. “Het basisniveau moet omhoog en dat kan door veel te koersen, Je moet finales rijden en proberen te ontsnappen.”

Stef Clement

Progressie

Clement stelde zich voorafgaand aan zijn eerste profseizoen een concreet doel: progressie boeken. “Een constant seizoen rijden, ervaring opdoen, maar zeker ook in een aantal koersen meedoen om de zege, In wedstrijden als Parijs-Nice, de Giro of de klassiekers lukt dat natuurlijk nog niet. Maar daarnaast moet je ook kleinere koersen rijden om te winnen. Daar kan je het leren, want winnen moetje leren,” De keuze voor Bouygues Telecom was een hele bewuste. “Ik wil mezelf niet alleen maar wegcijferen, daarom heb ik bewust voor deze ploeg gekozen, Want ik wist dat ik bij Bouygues naast de ProTour-wedstrij­den een mooi programma kon rijden met wedstrijden waarin ik mijn eigen kans kon gaan,” Clement begon het seizoen al vroeg, want begin februari reed hij in Maleisië de Ronde van Langkawi. Daar gaf Clement, die in 2002 Nederlands kampioen tijdrijden bij de beloften was, meteen zijn visitekaartje af met een derde plaats in de tijdrit over 16 kilometer, In Parijs-Nice volgde de eer­ste kennismaking met de ProTour. “Daar schrok ik toch wel even van”, stelt Cle­ment. “Het was wel heftig. Eigenlijk was het denk ik nog wat te vroeg in het seizoen voor mij.” Clement sloot zijn seizoen af met het WK tijdrijden, waar hij 24ste werd, het Nederlands clubkampioenschap waar hij met De Jonge Renner goud veroverde en de Chrono des Nations.

Clement voelt zich goed op zijn plek bij Bouygues Telecom. “Er wordt veel meer gehamerd op individuele vrijheid, je moet meezitten! Bij Rabobank is een heel an­dere structuur, dat leek me niet goed voor mij, Natuurlijk heb ik er goed over nagedacht voordat ik de stap maakte naa r een Franse ploeg, Ik ben snel een cursus Frans gaan volgen en als je je normaal opstelt, blijken Franse jongens ook heel gewoon. Erwordt in het peloton wel eens gekscherend gezegd ‘iedereen is gek, behalve ik’, maar dat valt wel mee,”
Clement was dit seizoen samen met de Spanjaard Xavier Florencio de enige niet­Fransman in de ploeg. Volgendjaarwordt het contingent buitenlanders nog wat groter. “De ploeg maakt deel uit van de ProTour, dus dan moet je toch wat in­ternationaler werken. Ik merk wel aan Bernaudeau dat het voor hem even moei­lijk was dat het geen puur Franse ploeg meer is, Men had altijd het liefst renners die dicht bij de basis van de ploeg in de Vendée woonden, Ik ben zelfs de enige neoprof ooit die niet bij de amateurploeg van de Vendée vandaan komt.”
Renners uit andere landen brengen ook andere ideeën met zich mee naar de ploeg. “Kijk naar een jongen als Florencio die heeft onder meer bij ONCE gefietst. Als we zes uur moeten trainen in de regen vraagt hij ‘moet dat’? Dat is geen onwil, maar hij komt uit een andere omgeving.”

Stef Clement

Respect

Ook Clement heeft zo zijn ideeën, “Bij Rabobank werden we heel goed verzorgd, ook om de koers heen. Bijvoorbeeld op het gebied van sportvoeding. Dat mag ook wel eens gezegd worden, In Frankrijk kennen ze dat niet, Daar probeer ik op te hameren en ze zien het binnen de ploeg nu ook wel een beetje in.” Ook de manier van fietsen is anders dan Clement gewend was. “Ze zijn het niet gewend om met vijf man controlerend op kop te rijden zoals we bij Rabobank deden. Dat botst wel eens met de ploeg,”
Nog zoiets. “Ik ging bijvoorbeeld twee weken in Frankrijk trainen op mijn tijd­ritfiets. Nou, ze stonden in het begin niet te popelen. Ik heb er eerst steeds bij het depot van de ploeg op gereden, uiteinde­lijk kreeg ik hem mee naar huis.” Clement is veel met zijn tijdritfiets bezig. “Na de Giro hadden ze er ineens een ander stuur opgezet. Toen ben ik wel even kwaad ge­worden, ‘afblijven’ heb ik gezegd, ik heb heel lang aan de juiste positie gesleuteld, Daar had de ploegleider wel respect voor. Ik moet me blijven focussen op de tijd­ritten, want dat is sneller verloren dan gewonnen.”

Eén fout zal Clement in elk geval niet meer maken: van start gaan in te dunne kleding. Het overkwam hem in de tijdrit in de Tour du Poitou-Charentes, waar hij als tweede finishte achter Rick Flens. “Ik had alleen een pak met korte mouwen bij me en toen ik moest rijden was het nog fris, Ik had het koud en kon mijn hartslag niet omhoog krijgen. Het lijken details, maar daar moet je beter over nadenken.”

In de Tour de l’Avenir, waar Clement de 25 kilometer lange tijdrit over een heu­velachtig parkoers won, kwam hij even in botsing met z’n ploeggenoten, “Ik was kwaad op de ploegmaats, want ze hadden me laten zwemmen in een waaier. Ik heb na afloop niks tegen ze gezegd, alleen dat ik de volgende dag mee zou zijn.” Clement hield woord, want de dag erop zat hij in de beslissende vlucht en eindigde als derde in de rituitslag. Het leverde Clement lovende woorden van Jean René Bernaudeau op. ‘Jij bent geen gewone’, zo stelde hij. “Dat zei hij na mijn Nederlands kampioenschap ook al. Ik verbaas de ploeg leiding wel eens.”

Stef Clement

Boefjes

Na een seizoen in Franse dienst heeft Clement een aardig beeld van het Franse wielrennen, dat dit seizoen weer wat lijkt op te krabbelen. “Ze hebben de nek uitgestoken in de strijd om een schonere sport en nu de boefjes er uit zijn, komen de Fransen weer bovendrijven.” De Tour is uiteraard heilig voor de Fransen. “Ze hebben een meer romantisch beeld van het wielrennen. Het idee is ‘alles draait om de Tour en wij dragen die cultuur uiL” De gezichtsbepalende figuren binnen de ploeg zijn vooral Thomas Voeckler, Laurent Brochard en Didier Rous. Alle drie heel verschillende types. “Voeckler is enorm populai r! Hij weet zichzelf heel goed te verkopen. Als hij er niet was, was er misschien geen ploeg meer.” Voeckler droeg in 2004 tien dagen de gele trui in de Tour en mede daardoor slaagde Bernaudeau er in Bouygues Telecom te strikken als opvolger voor de toenmalige sponsor Brioches la Boulangère. “Bro­chard doet het op zijn eigen manier. Hij is een beetje een eigenheimer, maar wil altijd wel helpen als je hem iets vraagt.

Didier Rous is hèt bewijs dat je met heel hard werken heel ver kan komen. Met hem praat ik veel. Ik weet van mezelf ook dat ik geen wonderkind of supertalent ben. Wat dat betreft is Rous een voorbeeld. De Franse jeugd is wat koppiger, heeft wat meer show. Die nemen wat minder van hem aan. Rous komt ook uit zichzelf wel eens naar mij toe, hij toont echt in­teresse.” Naast Rous is ook Erik Dekker een belangrijke raadgever voor Clement. Beiden trainden regelmatig samen. “Ik kreeg van de ploeg te horen dat ik mee mocht in het voortraject voor de Tour van volgend jaar. ‘Dat is mooi’, zei Dekker, ‘maarwat ga je daar doen dan?’ Nu vraag ik me ook af of het voor mij wel goed is om volgend jaar al de Tourte rijden. Het is wel een enorm risico om je daar helemaal op voor te bereiden. Je weet vaak pas op het laatste moment of je mag starten. En als je bijvoorbeeld kapot uit de Tour komt, is je hele seizoen weg. Ik zeg niet dat ik niet ga rijden, maar ik wil er wel goed over nadenken en praten. Geduld is ook een schone zaak en ik wil me niet vastpinnen op de Tour.” Die houding zorgde binnen de ploeg voor verbaasde gezichten. “Ze keken wel even beetje vreemd op van mijn twijfels, de Tour is heilig binnen de ploeg.” Kort na het behalen van zijn nationale titel verlengde Clement zijn contract met Bouygues Telecom tot en met 2008. “Dan ben ik 26 en kan dan hopelijk weer een stap verder maken. De komende jaren zijn we met de ploeg in elk geval verzekerd van deelname aan de grote wedstrijden. Ik heb de ambitie om te gaan horen bij de jongens die de dienst uitmaken in de grote ploegen.”

Bron: Wielerrevue November 2006

Advertisements

Reacties staat uit voor Stef Clement is geen gewone

Opgeslagen onder Wielrennen 2006

Reacties zijn gesloten.